Velsen – Afgelopen week werd maar weer eens op een frustrerende en chaos veroorzakende manier duidelijk toen er een storing was in de Velsertunnel. Een tweede pont is absoluut geen luxe, zeker niet nu de Sluizenroute -nog steeds of voor altijd? – niet voor auto’s toegankelijk is. De stand van zaken aangaande de pont werd in de raad besproken. We citeren:
Waarom een tweede pont?
,,Met het verdwijnen van de tweede pont in 2023 viel er een gat in de regionale en lokale bereikbaarheid en het IJmondiale doorfietsroutenetwerk. Recente tellingen laten een structurele ‘terugval’ zien van gemiddeld meer dan 800 fietsritten per (werk)dag, en in totaal circa 200.000 fietsritten per jaar. De tweede pont vervult dus een cruciale rol in het groeiende lokale en regionale fietsverkeer in het gebied. Bovendien blijkt een hoge frequentie van de pontverbinding een belangrijke schakel in het robuust houden van het kwetsbare systeem van oeververbindingen (Velser- en Wijkertunnel).
Als we ervan uitgaan dat die 800 dagelijkse fietsritten nu weer autoritten zijn geworden, dan zijn dat jaarlijks zo’n twee miljoen extra autokilometers via de tunnels. Dat betekent 4,5 mln. maatschappelijke kosten aan afgenomen luchtkwaliteit en extra files op de wegen door de tunnels. Daar komt door het inwisselen van de fiets voor de auto nog 3,5 mln. aan gezondheidskosten bij.
Ten opzichte van de in april 2023 opgestelde maatschappelijke kosten-batenanalyse (MKBA) zijn de verwachte aanschafkosten van de pont met zo’n twintig procent gestegen en de verwachte exploitatiekosten met zo’n veertig procent). Deze voorgenomen stijging zorgen voor vertraging in het proces van de nieuwe contractvorming.
Voorwaarden voor besluitvorming over aanschaf pont
Het duurt langer dan gehoopt om tot bestelling van de pont te komen. Het besluit om een pont te bestellen kan pas genomen worden als: de (subsidie)inkomsten zeker zijn, er in voldoende mate zicht is op de te verwachten kosten, de benodigde gemeentelijke (rest)bijdragen zijn toegezegd en gereserveerd en de risico’s in beeld zijn gebracht en afgedekt.
De grootste inkomstenbron voor de tweede pont is de (Rijks)subsidie vanuit Netten op Zee. De uitkering van deze subsidie is vertraagd maar de provincie lijkt de subsidie in het tweede kwartaal van 2025 te kunnen overmaken.
Qua exploitatieprijs moet aangesloten worden bij het nieuwe contract dat de gemeente Amsterdam en het GVB moeten sluiten voor de dienstverlening van de Noordzeekanaal- en IJ-veren. De contractonderhandelingen vergen meer tijd dan voorzien. Het nieuwe contract had eind 2024 rond moeten zijn. Dat wordt nu waarschijnlijk na de zomer van 2025.
De benodigde gemeentelijke (rest)bijdragen zijn afhankelijk van de kosten, subsidies en beschikbare gelden. Hier is door de bovengenoemde onzekerheden nog geen exact bedrag te noemen. Verwacht wordt dat aan het einde van het tweede kwartaal van 2025 een beslissing kan worden genomen.’’
Zou die tweede pont er dan nu echt komen? Foto: Archief Jutter | Hofgeest